Sporten, is zó (niet) leuk!

Sporten, is zó (niet) leuk!

Zie je ze ook weleens, als je een keertje per ongeluk in het weekend al om 9.00 uur buiten bent?

Van die fitte hardlopers of fietsers, in een tempo alsof ze achterna gezeten worden door een horde hondsdolle bulterriërs? Ik vraag me dan altijd af wat hen bezielt. In het weekend ben je toch vrij? Dan wil je toch lekker uitslapen? Waarom zou je jezelf zo afbeulen terwijl je nog in bed zou kunnen liggen?

Het is niet dat ik niet sportief ben of zo. Als kind heb ik verschillende sporten gedaan. Bijvoorbeeld tennis, ballet, atletiek en badminton. Hierbij hanteerde mijn moeder de regel dat ik een bepaalde sport altijd minstens een jaar moest doen voordat ik er. weer mee mocht stoppen. Anders kon ik volgens haar niet weten of het wel echt iets voor me was. En na een jaar zou ik de nieuwe sport pas een beetje onder de knie hebben zei ze. Echt niet, vond ik. Het was vast gewoon een centenkwestie. Bij elke sport hoort namelijk weer een nieuwe outfit, speciale schoenen – want met tennisschoenen kun je dus écht niet badmintonnen – en natuurlijk een nieuwe tas. En ze had gewoon zin om iedere paar maanden met mij naar de sportzaak te gaan. Stom!

Ik hield geen enkele sport ooit lang vol. Ja, minstens een jaar dus, maar toen vond ik het meestal allang niet leuk meer. Ik heb me natuurlijk vaak afgevraagd waarom ik er zo snel niks meer aan vond. En – afgezien van tennis, waar ik gewoon niks van bakte – kwam het eigenlijk altijd door het competitieve element. Ik kan daar echt niks mee…

In bijna alle sporten was ik al snel bovengemiddeld goed. Dus mocht ik in een speciaal balletklasje, mocht ik meedoen op de estafette bij de Zuid-Nederlandse kampioenschappen atletiek en kwam ik terecht in het eerste team bij de badminton. En daar begon de ellende. Ik wílde niet meedoen aan wedstrijden, ik wilde niet beter zijn dan iemand anders van een ander team, ik wilde helemaal niet meedoen aan ‘de competitie’ en ik wilde al helemaal niet harder trainen om beter te worden. En omdat ik dat dus allemaal niet wilde, werd ik ook nergens echt heel goed in.

Daarbij presteer ik slecht onder druk. Dus zodra het om punten ging, was ik ineens niet meer bovengemiddeld goed. Sterker nog, dan haalde ik amper nog het beginnersniveau. En als je bijna nooit wint, gaat de lol er nog sneller af. Dus mijn tennis- en badmintonrackets, spikes en schattig roze balletpakje kwamen uiteindelijk allemaal aan de wilgen terecht.

Toen ik ouder werd, ging ik op aerobics, steps, streetdance, zumba, aquarobics en squash. Daarbij ging het gelukkig niet om het winnen en squash kun je ook zonder punten spelen. Meestal sprak ik af met iemand anders, anders wist ik zeker dat ik niet zou gaan. Maar het was uiteindelijk allemaal geen lang leven beschoren. Moe, geen zin, hoofdpijn slecht weer, mijn sportmaatje ziek, stomme juf, saai, vakantie, ongesteld of iets anders te doen. Allemaal redenen om thuis te blijven. Ik vond gewoon niks écht leuk.

Ik heb ook een tijdje hardgelopen met een vriendin. Het voordeel daarvan was dat het niks kost en dat je zelf kunt bepalen wanneer je het doet. Het nadeel was dat ik ook hier eigenlijk geen bal aan vond. Er schijnt zoiets te zijn als een tweede adem. Dat je denkt dat je niet meer kunten dan in een een soort van flow terecht komt waardoor je ineens vleugels lijkt te krijgen. Dat heb ik persoonlijk jammer genoeg nooit ervaren. Eerlijk gezegd was ik allang gestopt voordat mijn eerste adem op was. Toen werd ik zwanger. En zelf vond ik dat een prima reden om acuut met hardlopen te stoppen.

Daarna kocht ik skeelers. Echt stukken leuker dan hardlopen. Je wordt er minder moe van en je bent al snel een eind weg. Maar ja, als het regent, bijna gaat regenen of net geregend heeft kan het niet, want glad. Hetzelfde bij sneeuw en ijs. Als het heel warm is, is het niet verantwoord. Stel dat je oververhit raakt. In de winter is het vroeg donker en in het donker durf ik niet. Zo blijft er eigelijk maar weinig zuivere skeelertijd over.

En last but not least: moeder ging paaldansen! Niet van dat sexy gedoe in een schimmig hok, maar polefitness. Dus ook weer een speciaal kort broekje gekocht. Anders kom je die hele paal niet in! Dat is zwáár joh!!! En het is ook best eng om op twee meter hoogte ondersteboven te hangen. Na een aantal weken vond ik mijn vorderingen maar matig en zagen mijn armen en benen eruit alsof ik dagelijks mishandeld werd. Nog voor mijn abonnement eindigde stuurde ik een mailtje dat ze mij niet meer hoefde te verwachten.

En hoewel ik regelmatig de draak steek met fanatieke sporters, benijd ik ze eigenlijk. Het lijkt me zo gaaf om zo’n passie voor je sport te hebben, dat je het gewoon écht leuk vind. Dat het geen moeten is, maar willen.

Maar er gloorde hoop! Nieuwe vriend, nieuwe kansen!!! Vriend was vroeger een zeer fanatiek windsurfer, snowboarder en spinner. Toen ik hem leerde kennen was zijn motivatie gelukkig minimaal. Wel hield en houdt hij van wandelen. En dan minstens een uur wat hem betreft. Maar hee, wandelen kan ik! En wat is er romantischer dan met je vriendje hand in hand door het bos lopen? En te verdwalen. Zonder telefoon en zonder eten en drinken. Als het heel warm is. Niks toch? Maar serieus, wandelen is fijn. Ik word er niet heel moe van, het is gezond voor lijf en leden, we hebben lange gesprekken en we zijn weer eens buiten.

Tot zover niks aan de hand. Maar in het bos kwamen we regelmatig mountainbikers tegen. En dat zag er eigenlijk wel erg cool uit. Dus oké, wij zouden gaan mountainbiken. We kochten allebei een goede fiets. Nee, niet dezelfde. Tenminste het merk en het model zijn hetzelfde, maar de kleuren zijn écht anders. Vervolgens togen wij naar de Decathlon en kochten broek met zeem, shirt, jas, schoenen, handschoenen, bidon en helm. Toen we alles aanhadden en bij onze fietsen stonden, zag dat er een partij profi uit zeg!!! Een beetje in de trant van ‘got the gear and no idea’ maar wat maakt dat uit. Natuurlijk hebben we van die klikpedalen – gewone trappers zijn voor mietjes toch? – en dat was best even wennen. We zijn allebei verschillende keren gevallen vanuit stand. Dat ziet er erg lachwekkend uit, maar je kunt er slecht mee wegkomen. Ik val onderweg meestal naar links terwijl mijn rechtervoet uit het pedaal is. Beeld bij? Komt ook best hard aan. Tel daarbij op het jezelf ineens vast vastrijden in de blubber en geen tijd hebben om je voeten los te klikken en het feest is compleet. En toch vind ik het nog steeds leuk!

Afgelopen weekend deden we mee aan een lichtjestocht. Dat houdt in dat je in het donker in het bos rijdt met alleen de verlichting van je eigen fiets. Er waren van die gasten met een soort van bouwlampen op hun helm. Overdreven toch? Vonden wij wel. Maar fietsen in een donker bos met alleen 2 goedkope lampjes op je stuur, bleek toch een uitdaging. Ik ben 3 keer gevallen, waarvan 1 keer zo hard dat mijn bovenbenen nu zijn opgeleukt met cirkels in de meest uiteenlopende kleuren paars. Dat vond ik dus even iets minder leuk! Maar binnenkort gaan we het gewoon weer een keer doen. Met bouwlamp, dat dan weer wel.

En ik doe tegenwoordig zelfs nog een tweede sport. Fitcamp heet het. In een groepje zijn we aan de gang met medicine balls en kettlebells, doen we aan deadliften, pushups, pull-ups, squads en wallsitting. Ook niet echt mijn meest favoriete tijdverdrijf, maar de trainster is lief, de groep is leuk het is erg afwisselend en als het me te zwaar wordt, stop ik gewoon. Ik heb me heilig voorgenomen dit duurzaam vol te houden! Een uurtje per week. Dat moet te doen zijn.

Mijn meest avontuurlijke en tevens traumatische sportervaring had ik met snowboarden. We mochten mee naar Oostenrijk als begeleiding van een groep middelbare scholieren. En nu we er toch waren, moest ik het natuurlijk ook proberen. Echt 0 ervaring met wintersporten had ik. Ik zat in een beginnersklasje met de scholieren. Geen succes. Een leeftijdsverschil van zo’n 25 jaar blijk je dus best goed te merken. Les krijgen van vriendlief bleek ook niet het beste idee ooit. Na: ‘Je moet níet kijken naar waar je níet naar toe wil!!!!”, ‘Remmen!!!!!” en als klapstuk “Caat, ben je nou zo lomp of luister je gewoon niet?” was ik er klaar mee. Einde les of einde relatie. Hij heeft toen nog heel lief een paar uur een privéleraar voor me ingehuurd. Goede leraar, daar niet van, maar het was me duidelijk. Dit was niks voor mij. Daar had ik echt geen jaar voor nodig!! Stel je voor, met je gezicht naar een helling achterover vallen! Op je rug liggen worstelen om op de juiste manier weer overeind te komen of met 1 voet vast je board door de sneeuw sleuren. En telkens maar weer vallen en opstaan. Ik kon wel janken. En dat deed ik ook! Alles deed zeer en ik was kapot!! En weer van die gigantische blauwe plekken. Deze keer vooral op mijn knieën. Ik kwam trouwens niet eens een helling op omdat ik het concept van een sleeplift niet snapte. Telkens viel ik. Toen ik met mijn voet vastgedraaid aan dat ding half de berg werd opgesleept, was voor mij de maat vol. De rest van de week ben ik lekker met de gondel van piste naar piste gegaan en heb ik genoten van het uitzicht.

Heel voorzichtig denk ik aan een echte wintersportvakantie. Maar dan wordt het skiën. Snowboarden doe ik echt nooit meer!

Vorige week zegt vriend ineens dat hij een uitdaging voor me heeft. “Zou je willen overwegen om volgend voorjaar een cursus windsurfen te doen?”. Weet je wat er toen gebeurde? Ik heb ja gezegd. Dat ik het ga overwegen he! Niet dat ik het ga doen. Ik snap het zelf ook niet. Dit is gewoon vragen om problemen. Maar wie weet, misschien ga ik het wel heel leuk vinden!

Herken je jezelf in dit verhaal of heb je misschien een sport voor me die ik zeker eens moet uitproberen? Ik hoor het graag!

 

Deel dit bericht

7 gedachten over “Sporten, is zó (niet) leuk!

  1. Haha erg herkenbaar van die sporten. Was ook alles supersnel beu en helemaal niet sportief aangelegd. Doe nu yoga en dat bevalt me prima.

  2. Een sport die je moet uitproberen schrijf je. Moet dat echt, van wie? Ik wordt blij van een flinke wandeling en ben gestopt met “moeten”. Heerlijk.

  3. Lieve Catelijne,
    Heb je beeld, vraag je dan… Jij weet leed echt tot vermaak te schrijven!
    Hoe breng je meer kleur in je leven; nou met bont en blauw!

    Vroeger was ik (wel) competatief sportief. Ik wilde altijd de beste zijn. De trofeeën zitten vast nog ergens in een verhuisdoos. In het leven leer je dat je niet altijd de beste hoeft te zijn, maar één van m’n mooiste levenslessen was dat iemand me zei: In sommige situaties kun je niet anders dan verliezen, maar verlies dan jezelf niet!
    Ach, ik dwaal af…

    Vroeger was 20 kilo geleden. Nu sport ik ook weer; op donderdagavond een uurtje serieuze gymoefeningen en aansluitend twee uurtjes de kroeg in!

    Maare, zoals je weet, woon ik op een berg en dan heb je volop beweging hoor.
    Als je nog een uitdaging zoekt… je(julie) bent altijd welkom om te komen wintersporten en/of zomersporten. Motto hier is “Alles is mogelijk en niks moet!”
    Ieder seizoen heeft weer iets moois te bieden.
    PS: hier is nauwelijks wind, dus ik heb tegenwoordig een peddel bij m’n surfplank.

  4. Lieve Catelijne

    Ik had gisteren een erg drukke dag maar vandaag alle blogs gelezen. Wat schrijf je heerlijk verfrissend humoristisch en eerlijk. En bovenal herkenbaar. Je bent een talent!!!! Ik blijf je blogs en al je avonturen graag lezen!!

  5. Weet je inderdaad waarom je wil sporten? Het is een compensatie voor ons leven van zitten achter een computer op je werk en (te) veel eten en snoepen. Natuurlijk word je er ook moe van, maar als je het leuk vind krijg je er ook energie van.

    Aan mij is het ook niet echt besteed, dat sporten. Wat ik wel leuk vind is lange afstand figuurzagen. Succes Caat.

  6. Heel erg herkenbaar. Ik houd ook niet van sporten. Wel super veel respect dat je het zo blijft proberen! Daar kan ik nog wat van leren, haha.

Laat weten wat je (ervan) vindt:

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *